Sparta: al pratend terug naar de top
Door Elendil
Donderdag, 28 januari 2010 om 10:19 • Gerard Dronkers

Na een lange periode van zestien jaar zonder Europees voetbal, is het dit jaar wederom niet de doelstelling om Europees voetbal te halen. Handhaven zonder degradatie is wat men eist, eindigen in het linkerrijtje en zodoende meedoen met de play-offs de ambitie. Een jaar lang voetballen, om als uitschieter bij de beste vijftig procent te horen, een realistisch maar even bedroevende gedachte. Als je sportman bent of wilt zijn, dan wil je kampioen worden en niet anders. Toch worden deze doelstellingen als logisch gezien en over het algemeen geaccepteerd. Zo bij Sparta niet anders.

Een supporter wil meer, meer dan een wedstrijdje zien en achteraf horen dat dit een acceptabel of ingecalculeerd verlies is. In Rotterdam schreeuwen dat ze de enige echte voetbalclub zijn, op de Coolsingel staan met de schaal boven het hoofd van Tinus Bosselaar ( ter toelichting voor onze beginnende Spartanen, dat is hét voetbalicoon van Sparta). Schallen over het stadhuisplein: "De club gaat nooit verlohoren, SP-AR-TA".

Het artikel gaat verder onder de video
Meer videos

Maar die tijd is ver weg, als hij er ooit gaat komen. Goede spelers zijn aanwezig, de wil om te winnen is daar en ook het complex is bijzonder fijn vertoeven. Er zijn sponsoren, een redelijk tot goed bestuur en ditmaal een goede trainer om de zaken in de juiste banen te leiden. Overal in de wereld zijn verbeterpunten, maar er is in ieder geval een gegronde basis bij de voetbalvereniging Sparta Rotterdam: geld, leidinggevenden, talenten, accommodatie, het is er. Maar de chemie er tussen, de formule om deze componenten als één groot geheel te laten werken, die is nog in ontwikkeling: Communicatie.

Het bestuur is onder Leo van den Berg op de goede weg, het geld wordt niet slecht besteed en Sparta is financieel grotendeels er weer bovenop na de investeringen in 2003. De zakenlieden hebben een rood-wit hart en nu trekken de supporters, inclusief zij zelf, daar profijt uit. De jeugdopleiding gaat als een trein en de plannen voor een nieuw stadion liggen bij de gemeente. Van den Berg is dan wel geen Joop Munsterman, maar de keuzes zijn verantwoord, verstandig en toekomstgericht.

Met Frans Adelaar hebben ze de juiste keuze gemaakt voor duidelijkheid en directe communicatie. Geen charismatisch persoon als Ruud Gullit of een ruimtegevende trainer als Ronald Koeman, maar een harde hand zoals Gert-Jan Verbeek. Dat zijn ook het type mensen waar Rotterdammers van houden en zich mee kunnen identificeren en aangezien de talenten net als de supporters, veelal Rotterdammers zijn, is ook deze lijn der communicatie gedekt. Toch is de cirkel niet helemaal rond.

Bestuur, stadion, een duidelijke trainer en talentvolle spelers, dat is allemaal aanwezig, maar dat zijn slechts de randvoorwaarden. Uiteindelijk moet het op het veld gaan gebeuren en ook daar is "chemie" nodig, het beetje extra wat individuen een team maakt, communicatie. En het is precies daar waar het aan schort. Hoe kan het zijn dat een jonge jongen als Kevin Strootman aanvoerder is? Natuurlijk is hij een vechter en intelligente speler, maar hij is aanvoerder omdat hij de mensen weet neer te zetten. Maar hij is nog geen twintig jaar oud en lost de ervaren verdediger Sander van Gessel af. Dat zet je toch aan het denken: is Strootman zo uitzonderlijk goed, of is er geen vervangingswaardige aanvoerder?

Communicatie begint normalerwijze bij een keeper en zijn achterste lijn. Daarin bevindt zich zo een 75% van de aanvoerders, maar anders zijn er altijd nog centrale middenvelders die de taak op zich nemen. Als je echter bij Sparta achterin kijkt, bestaat de achterste linie voor zestig procent uit buitenlandse spelers. Spelers die in hun rug moeten vertrouwen op informatie uit de achterste linie lopen in eerste instantie al tegen een taalbarrière aan. En eerlijk is eerlijk, onze Afrikaanse beulen achterin staan in de mandekking hun mannetje, maar zijn tactisch gezien niet de nieuwe Napoleons. Met Van Gessel uit de basis, voor de talentvolle Nick Viergever, heb je een speler die wel potentie heeft, maar toch veel bezig is met zijn eigen spel. Dus dan zou het moeten komen van je linksback en doelverdediger. Ruud Knol doet wat hij kan, maar vanuit zijn positie kan je niet je gehele elftal coachen, dus dan vestig je alle hoop op de keeper.

Een Sloveen, die moeite heeft met Engels, en met zijn 29 jaar al lang geen talent meer te noemen. Bovendien is deze goalie onzeker in zijn eigen gebied voor de onderscheppingen en laat hij de bal vaker los dan dat hij hem klemvast heeft. Afgezien van de taalbarrière, heeft deze keeper dus ook niet de rust en overtuiging om een goed coachende medespeler te zijn. Zo mis je de simpele dingen als 'rechts, 'links', 'tijd, 'in je rug': dingen die het voetbal zo eenvoudig kunnen maken..

Maar zo halverwege de competitie kijkt Sparta ook vooruit, vooruit naar volgend jaar. Een seizoen waarin misschien wel eer te behalen valt, een seizoen waarin talenten doorgroeien en waarin de jonge leider ervarener wordt. De vraag is, heeft een goede jonge kapitein genoeg in zijn mars om een zware slag aan te gaan voor Europa, zonder een ervaren eerste officier? Of wordt Sparta weer de wind uit de zeilen genomen en vertrekt hij naar een ander, succesvoller vlaggenschip?

Een gouden tip: investeer in de toekomst, verbeter de communicatielijnen voor de toekomst. Haal een oude rot voor op het dek en verbeter de schatkist van de kapitein van het schip. Dan varen we vanzelf de juiste koers richting Europa.

 
Sparta Rotterdam

Noot: Dit artikel is door een Clubexpert geschreven en niet door onze redactie. Clubexperts zijn lid van Voetbalzone en kenner van hun favoriete voetbalclub.
Meer Clubexperts
Meer Clubexperts
Meer sportnieuws
Het is niet (meer) mogelijk om te reageren op dit document.
Reacties